Oude muziek van Hildegard von Bingen tot Antonio Vivaldi

Logo MA 

- Welkom bij Musiqua Antiqua - 

logoem.giflogoem.gifDeze club gaat over de Oude Muziek of Musica Antiqua; van de Middeleeuwse componiste Hildegard von Bingen (1098-1179) tot de barokcomponist Antonio Vivaldi (1678-1741). 

Hier vind je informatie over de muziekgeschiedenis, nieuwe CD's, componisten, muzikanten - via de tab "Nieuws". Er is een zeer grote verzameling oude muziek videoclips - te vinden via de tab "Videoalbums".

Wat is 'oude muziek'? Oude Muziek of Musiqua Antiqua is de verzamelnaam voor muziek uit de Middeleeuwen, de Renaissance en de Barok. Met deze term maakt men een onderscheid tussen de muziek uit deze "pre-klassieke" periode met de rest van de klassieke muziek. Bij de uitvoering van oude muziek wordt vaak teruggegrepen naar instrumenten uit de tijd waarin de muziek geschreven is. Geprobeerd wordt de muziek uit te voeren zoals de betreffende componist oorspronkelijk bedoeld heeft. Dat geeft een zeer bijzondere sfeer aan de muziek, dat vooral bij een liveoptreden goed tot uiting komt.Van belang is dat deze muziek ook daadwerkelijk 'oud' klinkt en wordt uitgevoerd op authentieke instrumenten. Daarnaast dient de uitvoering te klinken op een wijze die een componist honderden jaren geleden vertrouwd in de oren zou hebben geklonken. Deze club gaat dus over muziek van middeleeuwen tot het einde van de late Barok, juist op het moment dat de klassieke periode zichzelf vestigde als de voornaamste muzikale stijl (in de tweede helft van de 18de eeuw).

logo-black_on.png 55196.png Radio44.jpg

Concertzender biedt een themakanaal Oude Muziek aan

Hildegard von Bingen (1098-1179) spreekt misschien minder tot de verbeelding als moeder-overste, maar mogelijk wel als een van de meest invloedrijke vrouwen in het Heilige Roomse Rijk, zij het dat in het Latijn - en afgeleid daarvan in het Italiaans - dat begrip een andere lading krijgt: Sacrum Romanum Imperium, ofwel het Heilige Romeinse Rijk. In ieder geval wordt er hetzelfde mee bedoeld: geen staat in de echte zin van het woord maar een politiek conglomeraat van seculiere en kerkelijke territoria die indirect onderworpen waren aan het gezag van de keizer of rex romanorum (onze oosterburen spraken van 'Römischer König' of 'König der Römer', wat dezelfde betekenis had). Dat keizerrijk hing in etnisch opzicht als los zand aan elkaar en was ook in politiek opzicht geen hecht gesmede entiteit, terwijl de aan de keizer toekomende macht voortdurend onderwerp van hevige discussie was tussen de adel, de clerus en zelfs de paus in Rome. Het was uiteindelijk Napoleon die er aan het begin van de negentiende eeuw met zijn harde soldatenhand het mes inzette en het als een 'historische vergissing' eenvoudigweg terzijde schoof.

Niet zweverig 
Hildegard von Bingen had werkelijk macht, als abdis, theologe, mystica, dichteres, componiste, arts, natuurkundige, hervormster, politica en raadsvrouwe van leidende politieke en kerkelijke figuren. Haar talloze geschriften tonen haar veelzijdigheid, terwijl wat zij schreef van grote invloed was. Zij was tevens de bedenkster van het eerste mysteriespel ‘Orde Virtutum' ofwel ‘Orde der Deugden', waarin de strijd tussen de ziel, de zestien deugden en de duivel realistisch wordt uitgebeeld. Het ligt misschien voor de hand om mystiek met het zweverige te verbinden, maar dat was Hildegard allesbehalve. Als kind zou ze weliswaar visioenen hebben gehad, maar in het dagelijks volwassen leven dacht, schreef en handelde ze op grond van concrete uitgangspunten. Dat wordt in haar gehele oeuvre weerspiegeld. Ze mag zich soms hebben verkeken op de menselijke stemomvang, maar ze streefde wel naar een zo hoog mogelijke concentratie en spanning in haar muziek.

Manuscript
Deze ‘Sybille van de Rijn' heeft door de eeuwen heen de belangstelling gewekt van theologen, filosofen, medici, historici, musicologen en literatoren. Ook vandaag is men (nog) niet over haar uitgepraat, uitgezongen of uitgestudeerd. 
De verzamelde composities van Hildegard zijn overgeleverd in twee handschriften. Het oudste manuscript is afkomstig uit haar eigen klooster in Rupertsberg en wordt nu in een Belgisch archief bewaard. Interessant in het goed gedocumenteerde cd-boekje is de geschetste weg die het manuscript heeft afgelegd. Hildegard had het zelf naar de cisterciënzers van Villers in Brabant gestuurd, waarna het zijn weg vervolgde naar de benedictijnen van Gembloers en Affligem om in de negentiende eeuw te eindigen in de Sint-Pieters- en Paulusabdij van Dendermonde. Vandaar dat wordt gesproken van de ‘Dendermonde Codex'. 
De kalfslederen band omsluit 183 perkamenten folio's met zowel teksten als composities van Hildegard, tezamen ongeveer tweederde van haar overgeleverde muziekwerken. Zij gaf de verzameling zelf de naam ‘Symphoniae harmoniae caelestium revelationum' (‘Symfonieën van de harmonie van de hemelse openbaring'). Vanaf dit jaar is het beroemde manuscript online te raadplegen in de ‘Integrated Database for Early Music' (IDEM). U vindt er tevens afbeeldingen van bijzonder goede kwaliteit.

Hildegard van Bingen, noteert haar visioen op een wastablet;
met haar secretaris Volmar en haar secretaresse Richardis

Bijzondere benadering
Het was de ontsluiting van de manuscriptfoto's in hoge resolutie die het Belgische ensemble Psallentes aanleiding gaf van de ‘Dendermonde Codex' een nieuwe opname te maken. Er bestaan al vergevorderde plannen om deze als aanvulling te gebruiken op de desbetreffende afbeeldingen in de reeds genoemde database. 
In het cd-boekje wordt dieper ingegaan op de bijzondere benadering van Psallentes, dat vrijwel iedere van de 57 composities uit de ‘Symphoniae' in een eigen bedding heeft geplaatst. Elke compositie wordt (relatief) onafhankelijk van de vorige of de volgende behandeld, daarbij steeds vergezeld gaande van toepasselijke lezingen, psalmen of cantica. Aldus plaatst het ensemble Hildegards muziekwerken in een twaalfde-eeuwse context van ‘collationes', de avondlijke bijeenkomsten van een monastieke gemeenschap, waarin op trage en nadenkende wijze uit de Schrift werd gelezen (de ‘lectio divinia'), in de zin van meditatieve reflectie. Psallentes stelt zich daarbij voor dat Hildegard regelmatig binnen haar (geloofs)gemeenschappen dergelijke avonden organiseerde, waarbij zij niet alleen zelf uit geschriften als de ‘Scivias' (verzamling visioenen) voorlas, maar ook zong, mogelijk improviseerde, en haar beste zangeressen belastte met gezangen en bijpassende recitaties. Binnen dit concept komt elke compositie traag en breed aan bod, waardoor in dit ‘eerste uur' niet meer dan de eerste vier stukken uit de ‘Dendermonde Codex' tot klinken komen.

Uitwerking
Op deze nieuwe cd horen we dus als het ware een wisselwerking, tussen ten eerste Hildegard als soliste die leest uit eigen werk, die zelf zingt en op geëigende momenten haar eigen composities improvisatorisch benadert (goed waarneembaar in de hernemingen van de antifonen, tracks 1 en 2); ten tweede een duo zangeressen dat zich op het reciteren van psalmen en cantica (tracks 1 en 2) en zich op de verzen van de responsoriën, de beurtzang (tracks 3 en 4) toelegt, met dan ten slotte een kleine groep zangeressen die de tutti-passages getrouw volgens de notatie van de ‘Dendermonde Codex' uitvoert. De psalmen en cantica zijn vocaal uitgewerkt vanuit de in het manuscript gesuggereerde psalmtonen (‘evovae'), maar dan wel met variaties en voorzichtige improvisatie – passend bij Psallentes' (uiteraard hypothetisch) uitgangspunt dat deze gezangen (ook) weerklonken op avondlijke, paraliturgische samenkomsten.

St Albans 
Om de link met de twaalfde-eeuwse monastieke wereld nog sterker te maken, koos Psallentes voor aansluitende teksten zoals die voorkomen in toenmalige bronnen. Voor de psalmen en cantica werd gebruik gemaakt van een psalter vervaardigd in de benedictijner abdij van St Albans in het Engelse graafschap Hertfordshire. De identiteit van de eerste eigenaar is onzeker, maar er zijn wel aanwijzingen dat het fraai verluchte handschrift bestemd was voor Christina (ca. 1097-ca. 1154), priorin van het nabijgelegen klooster van Markyate, en collega-mystica van Hildergard. De ‘Scivias' van Hildegard is terug te vinden in een manuscript dat afkomstig is uit de abdij van Park (Heverlee, bij Leuven). Abt Philip, die deze premonstratenzer gemeenschap tussen 1142 en 1165 leidde, was een van Hildegards correspondenten en zocht haar zelfs op in Rupertsberg.

Hemelse schoonheid
Psallentes excelleert in deze trage, brede en meditatieve lezing van Hildegards oeuvre, met als belangrijkste doelstelling om een geheel eigen en enigszins eigenzinnige lezing toe te voegen, daarmee eer en recht doende aan Hildegards genie, maar ook aan de geest en de details van de ‘Dendermonde Codex'. Zo klinkt het ook, de pure en devote vrouwenstemmen gehuld in een vlekkeloze, bijna hemelse schoonheid in een fraai ruimtelijke opname die hij diep religieuze karakter van de muziek nog eens extra onderstreept. In het boekje zijn zowel een zeer lezenswaardige toelichting als de gezongen en gesproken Latijnse teksten in Nederlandse vertaling opgenomen. Ik zie al uit naar het vervolg!

 

Psallentes - Hours of Hildegard

The Dendermonde Codex - First Hour

Psallentes o.l.v. Hendrik Vanden Abeele: Michaela Riener (solo), Sarah Abrams en Sarah Van Mol (duo en tutti), Lieselot De Wilde, Lisa De Rijcke en Kerlijne Van Nevel (tutti)

Le Bricoleur 680111 • 60' •

Opname: herfst 2016, Beaufays (B)

Bron: Aart van der Wal, opusklassiek.nl, april 2017.

Veel muziekliefhebbers koesteren de madrigalen van de zestiende-eeuwse Vlaming / Italiaan Giaches De Wert: muziek vol uitzinnige intensiteit, die recht naar het hart grijpt. Zijn religieuze composities kregen heel wat minder aandacht. Onterecht – dat begrijp je meteen bij het beluisteren van deze cd. Stile Antico stelde een buitengewoon fascinerende mix samen, die laveert tussen de uitgepuurde zeggingskracht van Palestrina en de kleurrijke vertelstijl van De Werts eigen madrigalen, tussen bedaarde polyfonie en uitbarstingen van extreme expressie. Een kolfje naar de hand van Stile Antico, zou je denken. De Britten met hun maagdelijke stemmen excelleren als de polyfonie rustig haar eigen gang gaat en hun organische ensembleklank zich langzaam openvouwt – meesterlijk. Maar als de tekst om meer scherpte, diepgang of wanhoop vraagt, blijven hun stemmen net een haartje te dicht bij de oppervlakte hangen. (aph)

  

Giaches De Wert

Giaches de Wert (1535 - 1596) of Jaak uit Weert was een Franco-Vlaamse componist die actief was in Italië. Hij was een van de leidende personen in de ontwikkeling van de madrigaal van de late Renaissance.

Hij werd waarschijnlijk geboren in Weert (vlakbij Antwerpen) en verhuisde naar Italië toen hij nog een kind was. Hij was een koorknaap in de kapel van Maria di Cardona in Napels en werd daarna een leerling van Cypriano de Rore aan het hof van de Ercole II d'Este in Ferrara (circa 1550 - 1555). Vervolgens was hij korte tijd verbonden aan de hoven van Novellara, Mantua en Parma.

In 1565 kwam hij in dienst van Guglielmo I Gonzaga in Mantua en werd koormeester van de hertogelijke kapel van S. Barbara waar hij verbleef tot 1592. Hij werd opgevolgd door Gastoldi.

Zijn privéleven was stormachtig; zijn vrouw, Lucrezia Gonzaga, werd verplicht Mantua te verlaten wegens een buitenechtelijke relatie met zijn concurrent, de componist en zanger Agostino Bonvicino. Daarna had hij een noodlottige liefdesverhouding met Tarquinia Molza, een zangeres aan het hof van Ferrara.


De Wert schreef meer dan 230 madrigalen en andere seculiere werken (uitgegeven in 16 delen, 1558 - 1608); ook schreef hij meer dan 150 sacrale stukken (motetten, hymnen, et cetera) die zijn meesterlijke beheersing van het contrapunt demonstreren.

Qua stijl behoorden zijn madrigalen tot de meest ontwikkelde van zijn tijd: in de jaren 1580 was hij een van de leiders in de ontwikkeling van een nieuwe, expressieve, emotioneel intense stijl, tezamen met Luzzasco Luzzaschi en Luca Marenzio, een stijl die culmineerde in het werk van Claudio Monteverdi en Carlo Gesualdo. Hij neigt naar het gebruik van een homofone toonzetting in zijn madrigalen, hoewel nooit exclusief; als animerende afwisseling verschijnen ook polyfone passages. In zijn laatste werken, in de jaren 1590, begon hij te experimenteren met de nieuwe concertato-stijl, met gegroepeerde stemmen in dialoog.

De Wert staat tussen Cypriano de Rore en Claudio Monteverdi, die onder hem werkte in Mantua en op wie hij een grote invloed had.

Hij overleed in Mantua op 6 mei 1596, in zijn huis naast het Palazzo Ducale. Zijn graftombe is naast die van zijn tijdgenoot, de Italiaanse componist Francesco Rovigo, in de crypte van de Santa Barbara.

GIACHES DE WERT:
Stile Antico - Harmonia Mundi

Bronnen: De Standaard & Wikipedia

Dit programma combineert Grieks-Byzantijnse gezangen met de levende muzikale tradities van de Christelijke levant, aan de hand van zes motetten in Italiaans-Franse stijl. Die motetten werden naar alle waarschijnlijkheid in de periode 1415-1420 gecomponeerd op Cyprus. Ze zijn ons overgeleverd in een spectaculair luxemanuscript dat nu wordt bewaard in de Biblioteca Nazionale Universitaria in Turijn (Ms. J.II.9). Dit manuscript werd rond 1435 in Italië samengesteld voor de familie Avogadro uit Brescia.

De Avogadro’s waren een dominante clan in Brescia in de jaren 1420 en ’30, toen er hevig om de stad werd gevochten door de twee grootmachten Venetië en Milaan. Pietro Avogadro (ca. 1385-1473), de patriarch van de familie, opende in 1426 de stadspoorten voor de Venetianen, waardoor hij talloze levens redde. Hij verdedigde de stad nogmaals tegen de Milanezen in 1438, wat hem en zijn nazaten het patriciaat van La Serenissima opleverde.

Rond 1453 moet Pietro Avogadro, op dat moment rond de vijftig jaar, zijn gaan nadenken over zijn erfenis, en hij besloot waarschijnlijk om een familiekapel te stichten. Hij was een buitengewone man en zocht dan ook buitengewone muziek uit voor zijn stichting. Hij vond dat exclusieve repertoire in de koninklijke kapel van Cyprus, dat in het bezit was van de Franse kroon.

Jean Hanelle, de NoordFranse kapelmeester van de Lusignans, was zojuist naar Europa teruggekeerd met Anne, de Cypriotische koninklijke prinses. In 1434 trouwde ze met Louis, de jonge erfgenaam van de hertog van Savoy - het huwelijksfeest was zo spectaculair dat heel Europa het erover had. Kort daarna moet Hanelle de prachtige codex voor Avogadro hebben samengesteld, waarvan u een selectie hoort op deze CD.

De motetten uit codex J.II.9 combineren stilistische elementen uit de jaren 1410, toen Hanelle net vanuit Cambrai naar Cyprus was verhuisd, met eigenschappen die typisch zijn voor de Italiaanse muziek uit de jaren 1420- 1440, en die mogelijk door Hanelle nog zijn aangepast om tegemoet te komen aan de wensen van Avogadro. Veel motetten zijn bestemd voor de viering van Advent en Kerstmis. Ze zijn gecomponeerd op prachtig compacte, neo-Latijnse poëzie (mogelijks ook van de hand van Hanelle), waarbij twee teksten tegelijkertijd worden gezongen in de bovenstemmen, wat typisch is voor het genre. Aan de andere kant hebben de gezangen teksten in het Grieks, Arabisch en Syrisch (een moderne variant op het door Jezus gesproken Aramees).

Grieks-Byzantijnse orthodoxe christenen waren in de vroege vijftiende eeuw in de meerderheid op Cyprus; rooms-katholieken waren er een minderheid maar bezaten wel al het land en alle macht. Kleine groepen van andere christelijke groepen zoals de Maronieten waren waarschijnlijk ook op Cyprus vertegenwoordigd, net zoals ze allicht in Venetië aanwezig waren. De onderlinge relaties van deze groepen waren verre van eenvoudig, en hun liturgieën bleven voor het grootste deel gescheiden, ondanks pogingen in die tijd om oosterse en westerse kerken te herenigen. Dit programma biedt een afspiegeling van de Cypriotische muzikale cultuur in de eerste decennia na 1400.

Graindelavoix
Graindelavoix werd in 1999 opgericht door kunstenaar en onderzoeker Björn Schmelzer. Het ensemble heeft inmiddels een goede naam opgebouwd met een aantal bijzondere muzikale projecten. De musici van graindelavoix verdiepen zich in oude muziek en onbekend repertoire. Tegelijkertijd onderzoekt de groep de mogelijkheden van de menselijke stem. Graindelavoix voegt met dit Cypriotische kerstoratorium van Jean Hanelle weer een bijzonder project aan zijn avontuurlijke repertoire toe.

Jordi Savall neemt zijn luisteraars mee op een persoonlijke pelgrimstocht: naar Montserrat, zowat ‘de heilige berg’ van de Catalanen, de zwarte Madonna die daar aanbeden wordt en de rijke pelgrimsgeschiedenis van het klooster op diezelfde berg. In het beroemde Llibre Vermell bleven tien van die pelgrimsgezangen bewaard.

Savalls eerste opname ervan – gerealiseerd samen met zijn vrouw, de ondertussen overleden zangeres Montserrat Figueras – was een mijlpaal om nooit te vergeten. Deze nieuwe liveopname uit 2013 klinkt als een nostalgische herinnering aan die tijd: minder explosief, monumentaler van toon. Savalls manier van musiceren is in al die jaren bijna een religie op zich geworden: je moet een beetje een believer zijn om echt helemaal meegesleept te worden. De klankkwaliteit van deze opname is niet ideaal, maar de dvd met de beelden van het concert maakt veel goed.

 

Llibre Vermell de Montserrat (Catalaans voor Rode boek van Montserrat)

In het jaar 880 hadden herders in de omgeving van Montserrateen visioen van licht en muziek. In de buurt werd in een grot een beeld van Maria gevonden, dat de bisschop naar een naburige stad liet brengen. Maar onderweg werd het beeld zo zwaar dat het niet meer verplaatsbaar bleek. Op die plek liet de bisschop een kapel oprichten, waar dan later de Abdij zou gesticht worden.

Montserrat is een plaats op een voetdagreis van Barcelona, waar een relatief klein maar grillig gebergte allerlei spectaculaire bochten maakt. Aan de grilligheid van een van de bergruggen dankt de plaats trouwens zijn naam: Mont Serrato, wat zoveel betekent als ‘gezaagde (in de zin van getande) berg’. Het Monasterio de Montserrat bevindt zich op een hoogte van 720 meter aan de oostzijde van de bewuste berg.

Over de ontstaansgeschiedenis van de Abdij heerst onzekerheid. Waarschijnlijk werd het klooster gesticht door een monnik, afkomstig uit het noordelijker gelegen Ripoll. Op de plek waar in de negende eeuw de kapel ter ere van Maria was gebouwd, richtte hij het klooster op, dat zou uitgroeien tot een van de grootste en bekendste Benedictijnerabdijen.

Het manuscript met de beroemde naam ‘Llibre Vermell de Montserrat’ werd gemaakt aan het eind van de Middeleeuwen, (ten laatste) in het jaar 1399. In de geschiedenis van Catalonië is het een belangrijke en welvarende periode, en de liederen die in het boekje te vinden zijn leggen daar op een hun eigen wijze getuigenis van af. Het boekje bevat, naast een reeks ‘gewijde’ teksten waar meestal slechts enkele specialisten in theologische traktaten enige interesse voor aan de dag leggen, negen pareltjes van Middeleeuwse pelgrimsmuziek. Over dat kleine repertoire muziekstukken is al heel wat inkt gevloeid, en er zijn vele tientallen opnames van gemaakt. Het repertoire zelf is nauwelijks groot genoeg om een volledig concert of zelfs een volledige cd mee te vullen. Vaak wordt een en ander dan ook gecombineerd met andere muziek, soms uit andere bedevaartscollecties – vooral dan de collecties waar de Mariale devotie ook een belangrijke plaats inneemt.

Niet alleen aan de kleine maar fijne inhoud dankt het boek zijn beroemdheid, ook aan het feit dat het ontsnapte aan de bibliotheekbrand van 1811. Op het moment dat de troepen van Napoleon de bibliotheek en het archief van de Abdij in brand staken, was het bewuste manuscript uitgeleend aan de markies van Lio, voorzitter van de Academie van Schone Letteren in Barcelona. Pas in 1885 keerde het manuscript in een rode band naar de Abdij terug, waarna het bekend werd onder die naam: het Rode Boek van Montserrat – Llibre Vermell de Montserrat.

Het boek bevat 137 folio’s van ongeveer 40 op 30 centimeter. Aan de bladzijdenummering is te zien dat er oorspronkelijk nog 36 extra folio’s geweest moeten zijn, die verloren zijn gegaan. Op slechts zeven van deze folio’s is muziek te vinden. Uit de overige bladzijden komt de functie van het manuscript duidelijk naar voor: het diende als gids voor de monniken die verantwoordelijk waren voor de opvang (misschien ook wel de ‘opvoeding’) van de talloze pelgrims die de Abdij bezochtten. In de Abdij was het de gewoonte geworden dat pelgrims de nacht wakend doorbrachten (misschien wel om de eenvoudige reden dat er weinig slaapplaats was). Tijdens die wakes ging het er mogelijk niet altijd zo devoot aan toe, een situatie die met het voorschrijven van bepaalde gezangen verholpen kon worden. Het staat ook zo beschreven in het manuscript zelf, op folio 22:

"Soms willen de pelgrims zingen en dansen (cantare et trepudiare) wanneer ze in de kerk van Onze Lieve Vrouw van Montserrat waken. Dit willen ze overdag ook, buiten de kerk. Maar dan moeten ze wel fatsoenlijke en vrome liederen aanheffen. Daarom werden een aantal van dergelijke gezangen hierboven en hieronder neergeschreven. Er moet met terughoudendheid en bescheidenheid gebruik van gemaakt worden, zodat zij die zich aan het onophoudelijk devoot bidden en het bezinnen hebben overgegeven, niet gestoord worden."

Alle liederen zijn genoteerd in de zogenaamde mensurale notatie van de Ars Nova (zie aflevering 31), in gebruik geraakt aan het begin van de veertiende eeuw. De enige uitzondering hierop is het eerste ‘lied’, het O Virgo splendens, dat genoteerd werd alsof het gregoriaans betreft, zonder aangave van ritme. Zeker betreft het hier een gezang met gelijke notenwaarden, want het gaat om een driestemmige canon, waarvan elke zin evenveel noten bevat.

Nu volgt een zeer beknopt overzicht van de verschillende gezangen in het boek.

O Virgo Splendens is, zoals het in het manuscript zelf genoteerd staat, een ‘antifoon met zachte harmonieën, toegewijd aan de Heilige Maagd Maria – een canon voor twee of drie stemmen’. De uitvoering van de canon is probleemloos: de tweede en de derde stem vertrekken nadat de eerste stem respectievelijk het eerste zinnetje en het tweede zinnetje achter de rug heeft. Op deze manier ontstaat inderdaad een ‘zachte harmonie’, een blend van klanken, bijna alsof we onnadenkend de witte toetsen van de piano door en tegenover elkaar gebruiken.

Stella Splendens is een virelai voor twee stemmen. De virelai (zie hoofdstuk 24) was een van de meest voorkomende Middeleeuwse dichtvormen. Een eenvoudige structuur, meestal met slechts twee rijmklanken. Volgens het manuscript wordt het gezang begeleid door een rondedans (of omgekeerd natuurlijk). De twee stemmen hebben ongeveer dezelfde tessituur, waardoor ze mekaar voortdurend kruisen.

Laudemus Virginem & Splendens Ceptigera zijn twee korte canons, die vroeger al eens als twee afzonderlijke stukken beschouwd werden, maar waarvan men nu veronderstelt dat ze wel degelijk samen uitgevoerd dienen te worden.

Los Set Gotxs Recomptarem is een ballade in de volkstaal (het Catalaans), met een refrein in het Latijn. Elk van de strofen bezingt één van de zogenaamde Zeven Vreugden van Maria (pendanten van de Zeven Smarten). Het is niet duidelijk of de eerste ‘Vreugde’ (de Annunciatie) aan bod komt in de eerste strofe. De eventuele afwezigheid ervan wordt mogelijk gecompenseerd door de woorden van het refrein, genomen uit Lucas 1,28 (Ave Maria, Gratia plena, Dominus tecum, Virgo serena).

Cuncti Simus is opnieuw een virelai, deze keer eenstemmig. Het is een parafrase op de woorden van de engel Gabriël aan Maria. De woorden ‘Ave Maria’ vormen de opvallende kern van het hele stuk.

Mariam Matrem is ook een virelai, voor drie stemmen. Het is, samen met het Virgo splendens, het enige stuk in het Llibre Vermell waarin geen of vrijwel geen volkse invloeden te herkennen zijn.

Imperaryritz & Verges Ses Par is een tweestemmig lied in het Occitaans (verschillende tekst per stem), net zoals het Mariam Matrem verwant aan de Franse Ars Nova. Het is melodisch erg mooi en vloeiend. Het is een grote lofzang op Maria, die met allerlei epitheta bejubeld wordt (flor de les flors, mare de Dieu, Estel de mar…).

Ad Mortem Festinamus is het laatste gezang in deze kleine verzameling. Het is een Virelai, eenstemmig, in negen strofen. Het is het enige gezang dat niet aan de Maagd is toegewijd, maar aan de dood en het ascetisch verzaken aan ‘de wereld’.

Bronnen:

Jordi Savall met rubab.

Bij Alia vox verscheen een boek met twee cd’s met de literaire en muzikale evocatie van Ramon Llull en zijn tijd (13de-14de eeuw). Jordi Savall, La Capella Reial de Catalunya en Hespèrion XXI tekenen hier opnieuw voor topkwaliteit. Een absolute must!

Muzikanten uit Syrië, Marokko, Turkije en Griekenland

In een prachtig boek en op twee cd’s, opgenomen tijdens een concert in het Saló del Tinell in Barcelona aan het begin van het Llull jaar ter gelegenheid van de 700ste  verjaardag van zijn dood in 1316, komt Llull als het ware weer tot leven. Verdeeld in acht hoofdstukken herontdekken we in een soort van muzikale documentaire, chronologisch het moslim Mallorca van toen. “Taksims” (geïmproviseerde preluden), Moorse dansen, “Muwashahs” (“waá¹£la” uit Aleppo en de Andalusische “nubah” uit het westers deel van de Arabische wereld) en Arabische klaagzangen, worden uitgevoerd door muzikanten uit Syrië, Marokko, Turkije en Griekenland.

Stemmen en instrumenten

Met de middeleeuwse instrumenten van Hespèrion XXI, voeren oosterse muzikanten en de zangers met hun prachtige stemmen van La Capella Reial de Catalunya, liederen, sirventes, lamentaties en profane dansen uit. Deze werden gecomponeerd door troubadours, dichters en minnestrelen als Raimon de Miraval, Peire Cardenal, Bernat de Ventadorn en andere anonieme dichters, verbonden aan de koninklijke hoven van Jaume I, Pere II, Alfons II en Jaume II. Ook heel representatieve geestelijke en spirituele muziek van die tijd, samen met muziek van Arabische en Joodse afkomst, roepen met hun emotie en schoonheid, de belangrijkste momenten op in het leven van Ramon Llull, zijn reizen en de belangrijkste historische gebeurtenissen van zijn tijd.

Gesproken teksten

Deze rijke mozaïek van muziek en zang wordt aangevuld met fragmenten uit enkele van Llulls belangrijkste teksten. De fragmenten komen uit zijn Boek van Beschouwing (de “Vida de Mestre Ramon”), uit zijn subliem “Boek van de minnaar en de geliefde”, uit zijn “Boom van de filosofie van de Liefde” en uit andere commentaren. Deze teksten worden bij treffende muziek gereciteerd met de oorspronkelijke, kleurrijke declamatie door Sílvia Bel en Jordi Boixaderas. Bijzonder evocatief. De teksten geven met welsprekendheid de loop van het leven van Llull weer, zijn geloof in de noodzaak om te onderwijzen, om de dingen uit te leggen vooral, om het licht en de waarheden van zijn christelijk geloof door middel van rationele, dialectische dialoog op basis van kennis en wijsheid, over te brengen aan hen die in andere religies geloofden.

Spiritualiteit

Gepassioneerd en geïnspireerd, richtte Llull zich met grote betrokkenheid en gedreven door zijn immense persoonlijke vrijgevigheid, tot de samenleving als geheel en tot de gelovigen, christenen, joden en moslims, in het bijzonder. Met zijn omvangrijk werk wilde Llull door middel van schoonheid, kennis, welsprekendheid en respectvolle dialoog, de mensheid op het hoogste niveau van spiritualiteit brengen.

Noodzakelijkheid van Llull vandaag

“Vandaag”, luidt het bij Jordi Savall, “is Ramon Llull meer dan ooit een voorbeeld van iemand die intens en trouw zijn ideeën en principes volgde in de overtuiging dat kunst en wetenschap, spiritualiteit en dialoog, de essentiële instrumenten zijn voor het verbeteren van de wereld. Alles wat hij deed en bereikte in zijn leven was het onfeilbaar getuigenis van voorbeeldige leringen van een denker, dichter, filosoof, theoloog, redenaar en missionaris, die nog steeds relevant en noodzakelijk zijn.” “Daarom is het belangrijk”, vertelt Savall, “om zijn boodschap levend te houden, om hem te bestuderen en zijn werk in Catalonië en over de hele wereld bekend te maken. Door de schoonheid van de muziek en van zijn teksten blijft zijn geest een noodzakelijke bron van licht en wijsheid in de huidige, richtingloze wereld waarin geweld, fanatisme en domheid, ons steeds meer en onverbiddelijk afleiden van de idealen waarvoor de grote Ramon leefde, die van een beschaving waarin humanisme is gebaseerd op onderwijs en dialoog, spiritualiteit, liefde en schoonheid.”

Het moslim Mallorca

Op de 1ste cd beluisteren we een evocatie van het moslim Mallorca, de Slag bij Muret en de verovering van Mallorca, de geboorte van Ramon Llull in Mallorca (geïllustreerd met “Kalenda Maya”), Llull trouwt met Blanca Picany, geïllusteerd door het anonieme “Veri dulcis in tempore”, bekering en berouw, gevolgd door het leven van Ramon Mestre, de Pelgrimstocht naar Compostela, Koop een Moorse slaaf, Koning van Mallorca, Pere el Gran aangekomen in Tunesië, Het boek van de Minnaar en de Geliefde, Sant Joan d’Acre wordt ingenomen door de Saracenen, Eerste reis naar Noord-Afrika in Tunis en In Rome dient Llull een verzoek in bij Bonifatius VIII (Conductus “Rome Gaudens jubila”).

Geschriften en reizen

De 2de cd vervolgt met zijn verblijf in Parijs, de Boom van de filosofie van de liefde, Het Boek van het gebed, de toespraak van Llull in de synagoge van Barcelona, Uitbreiding van de Ottomaanse Turken in Anatolië, Llull schrijft het lied van Ramon, reizen naar Cyprus, Armenië Minor en Jeruzalem, op 14 november woont Llull in Lyon de kroning bij van Clemens V, Verdrijving van de joden uit Frankrijk, Tweede reis naar Noord-Afrika, Het leven van Ramon als leraar, Llull schrijft zijn L’Art breu en Ars generalis ultima, Vierde en laatste verblijf in Parijs, In april dicteert hij zijn testament, derde missie naar Noord-Afrika, Ramon Llull overlijdt in Tunis (Guillaume Dufay, Veni, Sancte Spiritus). Daarna volgen thema’s als Jaume II die deel neemt aan de oorlog tussen Castilië en Granada, de expansie van de Middellandse Zee, de geboorte van Alfonso de Grootmoedige (Alfons El Magnànim) en Alfonso de Grootmoedige die Napels overwint en de kunstacademie creëert. Een must!

WAT : Ramon Llull 1232-1316 Temps de conquestes, de diàleg i desconhort |
WIE : S. Bel, J. Boixaderas recitadors W. Bouhassoun, L. Elmaleh, M. Rahal, H. Güngör, Y. Tokcan. D. Psonis. H. Sarikouyoumdjian M. C. Kiehr, P. Bertin, D. Sagastume, V. Sordo, Ll. Vilamajó, F. Zanasi, D. Carnovich, La Capella Reial de Catalunya HESPÈRION XXI | UITGEVER: Jordi Savall boek + 2 cd Alia Vox AVSA9917

Bron: klassiek-centraal.be; Michel Dutrieue, 03/07/16

Nicholas Achten en zijn Scherzi Musicali weten telkens weer te verrassen met een origineel concept. Deze keer draait alles om La Maddalena, Maria Magdalena – de zondares, de bekeerde vrouw, de treurende vriendin. Een figuur die extreme emoties oproept én dus een geliefd en dankbaar onderwerp is voor schilders, dichters en componisten.

Nicholas Achten brengt rond dit thema werk voor het theater en voor de kerk bij mekaar. De ene La Maddalena is een Sacra Rappresentazione, een vroeg 17e-eeuws theaterstuk uit Mantua met muzikale intermezzi van Claudio Monteverdi, Salomone Rossi, en de minder bekende Domenico Mazocchi, Muzio Effrem en Alessandro Guivizzani. De andere La Maddalena is een sepolcro, een oratorium voor de Heilige Week, van Antonio Bertali (1663).

De grote bezetting van Scherzi Musicali – in totaal 7 zangers en 17 muzikanten – is helemaal in balans. De vrij uitgebreide strijkersgroep, de toevoeging van koperblazers die bijdragen aan een typische, weemoedige kleur, de rijkdom aan tokkelinstrumenten (theorbes en luiten in verschillende maten, barokgitaar, harp) en de afwisseling op klavecimbel, orgel, virginaal: heel fijn en beheerst klinkt dat allemaal, met subtiele solo’s en fraaie samenklanken.

Nicholas Achten trekt de lijn van zijn vorige opnames door: een interessant, doordacht project, mooi uitgewerkt, met stuk voor stuk prachtige musici. Bovendien is deze opname een wereldpremière.

Antonio Bertali - La Maddalena
Scherzi Musicali o.l.v. Nicolas Achten. Label: Ricercar RIC367.

- Els Van Hoof - klara.be -

Het Vlaamse ensemble Utopia is pas vorig jaar opgericht en heeft nu al een eerste volwaardige cd uit met 7 lamentaties van Cristobal de Morales. Nooit eerder werden deze treurzangen samen opgenomen. De 16e-eeuwse Morales was de eerste Spaanse componist die wereldwijd geprezen werd.

Het ensemble Utopia is ook in residentie in de Sint-Pauluskerk in Antwerpen en het haalt z’n naam bij Thomas Moore. Hij schreef in Antwerpen zijn beroemde boek Utopia, waarna het werd gedrukt in Leuven. Vanuit de voor die tijd gedurfde en vooruitstrevende ideeën waarmee More zijn utopische wereld beschreef, creëerde het ensemble Utopia een programma dat deze boeiende wereld schetst en toelicht.

Of zoals hun basisregel luidt: “Met de Vlaamse polyfone traditie in onze genen, voelen wij de wil en de zin om deze muziek uit de tijd van More te blijven doorgronden en uit te voeren. Polyfonie ontstaat immers wanneer verschillende "points of view" aanwezig zijn in één compositie.

Ensemble UTOPIA

De zangers van Utopia zijn geen beginners, maar ervaren ensemble-zangers die hun sporen verdienden bij o.a. Philippe Herreweghe en Paul Van Nevel.

Onnodig te zeggen dat deze ervaring loont. De vertrouwdheid met het genre van de polyfonie is van bij het begin overduidelijk. De stemmen van de vijf zangers vormen een aantrekkelijk geheel met voldoende nuances en kleuren. Technisch zijn deze zangers zo goed als onberispelijk. Sopraan Griet de Geyter, altus Bart Uvyn, tenor Adriaan de Koster, bariton Lieven Termont en bas Bart Vandewege laten horen dat ze met deze muziek de ziel van de 21e eeuw willen raken. Eeuwige vragen in een tijdloos kader.

Het is niet alleen interpretatief een echt visitekaartje geworden voor Utopia, ook opnametechnisch bleven we niet op onze honger zitten. Prachtige muziek door een veelbelovend ensemble met een mooie sound en een heldere klank.

Cristóbal de Morales (1500 - 1553) - The Seven Lamentations - Utopia - Et'Cetera KTC 1538

- Mark Janssens

Montserrat Figueras 1942 - 2011

Welkom bij Clubs!

Kijk gerust verder op deze club en doe mee.

Wat is dit?


Of maak zelf een Clubs account aan: