Blogposts

Blog

Geplaatst op zaterdag 19 september 2015 @ 18:20 door Calamandja , 751 keer bekeken

De zingende en musicerende engelen op de zijluiken van het ‘Lam Gods’: wat vertolken ze precies? Het is een fascinerende vraag, die lastig te beantwoorden is. Een tentoonstelling doet een berekende gok.
922444dbd289b81160b69b8ec00cec07.jpg

Op twee panelen van het Lam Gods klinkt muziek. Vleugels dragen de musici op het beroemde veelluik niet, maar engelachtig zien ze er wel uit. Acht van hen, getooid met prachtige koormantels, staan bij een lezenaar waar een manuscript op ligt. Slechts één heeft oog voor het blad. De rest verkeert in hogere sferen.

Met enige moeite vallen er noten te ontcijferen: do fa do la, het begin van een universeel melodietje. Maar kijk: vier engelen fronsen het voorhoofd en vertonen een identieke mondstand. Twee engelen zingen duidelijk iets anders.

Het lijken details, maar voor een specialist oude muziek zoals Hendrik Vanden Abeele zijn dat aanwijzingen dat hier meerstemmige muziek gezongen wordt. Ook het notenschrift wijst in de richting van polyfonie.

   

‘In de vijftiende eeuw was het gregoriaans de regel bij kerkdiensten’, zegt Vanden Abeele. ‘De rijkelijke versieringen van de polyfonie dienden vooral voor feestelijke aangelegenheden. Maar wat de broers Van Eyck schilderden, hoort thuis in de traditie van de musica caelestis of hemelse muziek. Veel oude meesters beeldden dit thema af: muziek die mooier klinkt dan mensen kunnen maken of aanhoren. De engelen, zeer realistisch en menselijk weergegeven, slaan hier een brug. Ze leggen het verband tussen de liturgie die doorgaans in de kerk klinkt en de onkenbare, hemelse muziek.’

  

Chanson

  

Hendrik Vanden Abeele is leider van het ensemble Psallentes. Samen met instrumentenbouwer Andrzej Perz boog hij zich over de vraag wat voor muziek er zou kunnen klinken op het Lam Gods. In Mystieke muziek, een goed gedocumenteerde tentoonstelling in het Caermersklooster, brachten ze hun kennis bijeen. Je vindt er kopieën van instrumenten, zoals de vedel en de gotische harp die op het paneel van de musicerende engelen te zien is. En je hoort ook hoe ze klinken, in een fragment van D’un autre amer (‘Een ander liefhebben zou een vergissing zijn’), een hoofs chanson van Johannes Ockeghem.

  

Vanden Abeele: ‘De muzikale stijlen van deze periode vloeiden in elkaar over. Veel polyfonie is geworteld in het Gregoriaans. Ook het repertoire van het wereldlijke chanson was de zangers goed bekend. Dat blijkt uit wat we op het schilderij zien: er slingeren nog andere boeken en antifonaria rond.’

Het zal ook tot uiting komen in Triptycha, het verstilde programma dat Psallentes live uitvoert tijdens Odegand. Negen kleine tafereeltjes, eigenlijk drieluiken, vormen een collage waarin stijlen in elkaar haken. Vanden Abeele: ‘Het is een constructie, een poging om irreële muziek op te roepen die we niet kunnen kennen.’

 

Schaduw

 

Over de muzikale kennis van Jan en Hubert Van Eyck weten we weinig. Wellicht kenden ze de componisten Binchois en Dufay, beroemde tijdgenoten. Maar waar ze in uitblonken, was de precieze weergave van wat ze schilderden. Ook voor het thema muziek waren ze verbluffende observatoren. Zo valt achter het orgelpositief een vage schaduw te ontwaren. Het is een suggestie van de man of vrouw die de blaasbalg moest bedienen. Ook de dikte en de verbuiging van darmsnaren op de harp zijn zeer precies en realistisch weergegeven.

 

Het kleine orgel dat op het Lam Gods betokkeld wordt, is een verhaal apart. In een onderzoeksproject van de School of Arts/ Hogeschool Gent wordt het instrument de volgende vier jaar zo nauwkeurig mogelijk gereconstrueerd. Drie vorige pogingen bleven steken op inconsequenties. Zo komt het aantal toetsen van het klavier ogenschijnlijk niet overeen met het aantal en de lengte van de orgelpijpen. Maar infraroodopnamen, die een onderliggend klavier onthullen, wijzen mogelijk de weg.

  

Perz: ‘We zien de binnen- en achterkant van het orgel niet, dus het blijft gissen. Maar omdat we met ambachtelijke methodes werken, hopen we het origineel zo dicht mogelijk te benaderen. En te laten klinken ook.’

Dat dit geen solo-instrument was, maar een begeleidend orgel, staat vast. Veel muziek werd in de vijftiende eeuw geïmproviseerd. De organiste op het schilderij laat hier zichtbaar een slotakkoord klinken. Het blijkt ook uit het levendige tafereel boven haar: daar wordt de vedelspeelster al op de schouders getikt om over te nemen.

   

‘Mystieke muziek’, vanaf 10/9 tot 3/4/16 in het Caermers-klooster, Gent.



Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Je moet ingelogd zijn om een reactie te mogen plaatsen. Klik hier om in te loggen.